Laat u regelmatig een uitstrijkje nemen?

Lang niet alle vrouwen gaan tijdig naar een arts voor een gynaecologisch onderzoek, zo stond eerder dit jaar in zowat alle kranten. En slechts 60% van de vrouwen zou op regelmatige basis een uitstrijkje laten nemen.

Een jammerlijk cijfer, vindt Jan Bosteels van de Vlaamse Vereniging voor Gynaecologie. “Door tijdige controles kan baarmoederkanker vermeden worden. Met de kennis die we nu hebben zou in principe geen enkele vrouw aan baarmoederhalskanker mogen overlijden.” “Ieder jaar krijgen zo’n 650 vrouwen het nieuws te verwerken dat ze baarmoederhalskanker hebben. Een derde van hen zal uiteindelijk aan de gevolgen van deze van kanker overlijden”, aldus Bosteels.

De ontwikkeling van baarmoederhalskanker verloopt erg traag, . Er kunnen wel tientallen jaren verstrijken tussen het prille begin en het uiteindelijke ontstaan van de kanker. “Dat maakt dat die evolutie makkelijk in kaart te brengen is”, zegt Bosteels. Daar komt nog bij dat via een optimale screening en vaccinatie de geschikte middelen voorhanden zijn om baarmoederhalskanker tijdig op te sporen en te behandelden. “In principe zou dus geen enkele vrouw aan deze ziekte mogen overlijden. Maar het grootste probleem is en blijft dat niet alle vrouwen tijdig een gynaecologisch onderzoek laten uitvoeren.” De drempel voor zo’n gynaecologisch onderzoek is nochtans niet hoog. Vrouwen kunnen zowel bij de gynaecoloog als bij de huisarts terecht voor een uitstrijkje. “En toch plant slechts 60% van de vrouwen op regelmatige basis een onderzoek in”, betreurt Bosteels. Zo’n 40% van de vrouwen laat zelden of zelfs nooit een uitstrijkje nemen. “Dat kan te maken hebben met het profiel van de vrouwen. Zo zou het kunnen dat werkende vrouwen er helemaal geen tijd voor hebben of dat mensen die het financieel minder breed hebben, terugschrikken voor de kostprijs, maar echt zicht op concrete oorzaken hebben we niet.

Wat wel buiten kijf staat is dat zolang niet iedereen zich tijdig laat nakijken, er altijd vrouwen zullen zijn die door de mazen van het net glippen.” “In het algemeen is het de regel dat vrouwen zich best één keer om drie jaar melden voor een gynaecologisch onderzoek, maar dat geldt enkel voor kerngezonde vrouwen. Punt één op de agenda is om alle vrouwen aan te spreken en hen het belang van het uitstrijkje te doen inzien. Momenteel loopt een studie van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid met de steun van de Vlaamse overheid om te onderzoeken hoe we die vrouwen toch kunnen bereiken.”

Daarnaast raadt Bosteels ook voorzichtigheid aan als het gaat om de regel van één gynaecologisch onderzoek om de drie jaar. “Algemeen genomen is het inderdaad de regel dat vrouwen zich één keer om drie jaar melden voor een gynaecologisch onderzoek, maar daarbij gaat het alleen om kerngezonde vrouwen met een laag risico gaat. Wanneer iemand met een borstletsel of eierstokletsel drie jaar niet wordt onderzocht of wanneer iemand een groter risico heeft (bijvoorbeeld omwille van roken, meerdere seksuele partners of iemand in de familie met baarmoederhalskanker) zou slechts één onderzoek om de drie jaar wellicht een gemiste genezingskans kunnen betekenen.”